“Als je nu op het station loopt, zie je al die pictogrammen. Mensen kunnen zo beter de weg vinden. Daar heb ik aan meegeholpen.

Mensen die laaggeletterd zijn, schrijven niets op. Ze onthouden alles. Je verzint ook allerlei andere oplossingen. Ikzelf ging altijd een kaartje halen bij de balie. Toen kon dat nog. Dan vroeg ik gewoon op welk perron de trein stond.”

Tot je dertigste ben je laaggeletterd geweest. Hoe heeft dat kunnen gebeuren?

“Op de lagere school was ik vaak weg omdat ik veel ziek ben geweest. We zaten met 35 kinderen in de klas. Daar werd ik achterin gezet en ging ik elk jaar gewoon mee over. Er was toen minder aandacht voor. Op het speciaal onderwijs daarna zei ik wel dat ik kwam om te leren, maar de juf wist niet wat ze met me aan moest. Met kerst liet ze me de kerstboom halen en optuigen, en ik moest andere klusjes doen. Niemand die het gezien heeft dat ik laaggeletterd was.

Sinds ik alles kan lezen, is mijn leven verbeterd. Ik voel me prettiger en ben nergens meer bang voor. Soms heb ik nog wel hulp nodig, maar dat kan ik dan aan mijn familie vragen. Ik durf er nu voor uit te komen. Een hele hoop mensen durven dat niet, die hebben die schaamte nog.”

Het lijkt me heel moeilijk als je niet kunt lezen of schrijven. Hoe ging je daar in je werk mee om?

“Ik liet woorden weg of draaide woorden om. Tot er een collega kwam die dat las en zei dat die zin helemaal niet klopte. Ik was toen gedetacheerd bij de parkeergarage van het Olympisch Stadion. Daar moest ik dagrapporten maken. Ik was altijd blij als ik weer naar huis mocht, want dan hoefde ik niet meer te schrijven.

Mijn teamleider heeft toen een opleiding voor me geregeld. Ik ben zeven jaar naar school geweest. De eerste keer vier jaar, toen heb ik even gewacht, en toen weer drie jaar. Twee keer in de week, bij elkaar zes uurtjes. Ik ging steeds in niveaus omhoog. Lezen en schrijven. Rekenen niet, daar ben ik redelijk goed in. Op woensdagmiddag nam ik extra les, op de computer. Dat was leuk.

In het begin moest ik even wennen: je gaat weer naar school toe, dat is toch vreemd. Na een jaar werd ons klasje een hechte groep. We zaten allemaal met hetzelfde probleem en hielpen elkaar. Ik lees nu alles: de krant, boeken. Ik heb nog wel wat beperkingen, zoals moeite met moeilijke woorden. Maar ik app gewoon en ik stuur e-mails. Dat gaat allemaal goed.

In mijn werk ben ik echt gegroeid. Ik doe nu heel veel verschillend werk. Als er ergens een zieke is, val ik in. Nu ik weet hoe ik het moet aanpakken, is mijn werk veel leuker. Ik heb diploma’s behaald. Tegenwoordig ben ik ook verkeersregelaar. Daar moet je echt voor leren.”

Je zet je actief in voor Stichting Lezen & Schrijven. Je wilt nog veel bereiken op het gebied van gezondheidszorg. Hoe belangrijk is het vrijwilligerswerk dat je doet?

“Mensen die laaggeletterd zijn, hebben vaak gezondheidsproblemen en overgewicht. Dat heb ik zelf ook gehad. In de supermarkt gooide ik gewoon alles in mijn mandje, ik dacht dat het wel gezond was. Ik kon helemaal niet lezen dat er zo veel suiker en vet in zat. Met mijn diëtiste ben ik langs de schappen gegaan, zij gaf uitleg bij alles wat ik at. Daar heb ik veel van geleerd. Eerst dronk ik cola en at ik luxe koekjes. Nu koop ik bijvoorbeeld biscuitjes. Zo ben ik 65 kilo afgevallen.

Ik ben al heel lang taalambassadeur voor de stichting. Sinds prinses Laurentien zich voor ons inzet, komen we overal binnen. We gaan langs bij ziekenhuizen en bedrijven. We testen folders en websites voor de overheid. Ik durf nu gewoon voor een groep te staan om mijn verhaal te doen. Mensen zijn allemaal doodstil. Na afloop komen ze altijd naar je toe om je te bedanken. Het komt bij ze binnen. Ze weten vaak niet waar deze doelgroep tegenaan loopt: schaamte, schulden, gezondheidsproblemen, niet mee kunnen komen.

Op het gebied van gezondheid is nog heel veel te winnen. We zijn er nu drie jaar mee bezig en je ziet dat er steeds meer verandert. Brieven worden beter geschreven. Mensen durven sneller tegen de arts te zeggen dat ze laaggeletterd zijn. Er komen steeds betere boekjes met informatie. Daar wil ik aan mee blijven helpen. Nog heel lang.”

Onlangs ben je TaalHeld geworden, een heel bijzondere prijs. Waarom heb je die gekregen?

“Ik had het niet verwacht. Ik was trots, heel trots. Die prijs heb ik gekregen omdat ik altijd klaarsta als iemand belt. Het is niet mijn belang, maar van die ander. Van mensen die iets aan hun laaggeletterdheid willen doen.

Ik ben zelf overal tegenaan gelopen. Het gebeurde vaak dat ik er alleen voor stond. Daar haal ik mijn kracht uit. Er zitten nog heel veel mensen thuis die zeggen dat ze het niet nodig hebben. Dat hebben ze wel, zeg ik dan.”

“Laaggeletterden mogen niet buiten de boot vallen.”

CV     DICKY GINGNAGEL
1969 Geboren in Amsterdam
1981 1986 De Poort, speciaal onderwijs
1991 heden In dienst bij Pantar
1999 2005 Leert lezen en schrijven
2001 heden Taalambassadeur Stichting Lezen & Schrijven
2012 Diploma verkeersregelaar
2017 TaalHeldenprijs

© Ineke Walravens